7 tips voor het tillen en verplaatsen van de cliënt

In de zorg wil er nog wel eens verkeerd getild worden. Voor tilspecialist José de Reus van ‘Til-Maatwerk’ een reden om de zeven valkuilen bij het tillen en verplaatsen van de cliënt op een rijtje te zetten.

 

  1. Haastig willen verplaatsen: ‘Dit is de grootste valkuil. Door tijdgebrek proberen verzorgenden het tempo erin te houden. Terwijl haastige spoed bij tillen en verplaatsen juist tegen je werkt. Het is zwaarder én gaat ten koste van je lijf. Blijf dus kalm en geduldig. Uiteindelijk zal dit geen extra tijd kosten, want het verplaatsen gaat soepeler en zonder veel energie te verspillen.’
  2. Trekken en sjorren: ‘Onder het mom van “dat doe ik wel even” zetten verzorgenden enorm veel kracht om een cliënt van de plek te krijgen. Zonde, want als je dat doet als de cliënt er nog niet klaar voor is, gaat zijn lichaam automatisch weerstand leveren, waardoor de handeling nog meer kracht kost. Spaar je lichaam en beweeg mee met de cliënt als hij er klaar voor is. Dus eerst een instructie geven aan de cliënt, en dan wachten tot hij de beweging inzet. Dan kun je zelf meebewegen en verloopt de handeling soepeler en lichter.’
  3. De cliënt niet laten meewerken: ‘Vaak kan de cliënt veel meer dan je denkt. Instrueer hem om zelf zoveel mogelijk overeind te komen of zich te verplaatsen. Bijvoorbeeld: “Kunt u de rand van het bed pakken en uzelf optrekken?” Hierdoor wordt de cliënt zelfredzamer, mobieler én voelt hij zich beter over zichzelf. En je spaart je lijf.’
  4. Niet weten wat de cliënt wel en niet zelf kan: ‘Als je dit van tevoren goed in kaart brengt, loop je niet het risico dingen te doen die de cliënt prima zelf kan. Je kunt via de Mobiliteitsklassen checken in hoeverre je cliënt mobiel is. Neem dit op in het zorgleefplan.’
  5. Reiken: ‘Veel verzorgenden hebben de neiging met bijvoorbeeld gestrekte armen en voorovergebogen rug aan het bed te werken. Niet doen, want daardoor wordt een gewicht veel zwaarder. Werk dichtbij het bed, én je lichaam.’
  6. Geen hulpmiddelen erbij pakken: ‘Glijzeilen zijn er niet voor niets. Pak deze er dan ook bij als ze van pas komen. Dit geldt ook voor het verstellen van de hoogte van het bed. Zo bepaal je perfecte werkhoogte: ga met je armen langs je lijf staan, met licht gebogen ellebogen en licht gebogen knieën. Op polshoogte komt de bovenkant van het matras.’
  7. Niet goed communiceren met collega’s bij verplaatsing: ‘Verplaats je een cliënt met zijn tweeën? Zorg er dan voor dat je tegelijkertijd start met de verplaatsing. Dus laat één iemand de leiding nemen, die ook aftelt of nog beter laat de cliënt aftellen. Zo voorkom je dat je elk op een ander moment aan het duwen/trekken bent en zo je lichaam overbodig belast.’

Toch zwemmen als longpatiënt of met eczeem? Hier een lijst met chloorarme zwembaden!

 

Zwemmen is een heel gezonde bezigheid. De meeste kinderen vinden het ook heerlijk. Maar veel longpatiënten kunnen reageren op de chloorlucht in het zwembad. Het kan een prikkel zijn die tot benauwdheid leidt.

Voor menigeen met eczeem kan zwemmen zorgen voor een verergering van het eczeem. Vooraf insmeren met een vette zalf en na afloop douchen en wederom insmeren met een vette zalf kan verergering voorkomen. Het is niet alleen het chloor die zorgt voor de verergering. Een beetje chloor kan zelfs goed zijn.

Er zijn nieuwe technieken die ervoor zorgen dat het zwembadwater minder chloor bevat, zoals zoutelectrolyse (ZE), ozon (O) of Advanced Oxidation System (AOS). De zwembaden die hiervan gebruik maken bevatten minder chloor dan bij de standaard systemen, maar zijn niet chloor-vrij. Dat is wettelijk ook niet toegestaan. Er is een aantal chloorvrije baden, zoals zoutbaden, natuurbaden of de kuurbaden die gebruik maken van thermaalwater.

Hieronder een lijst met zwembaden en de techniek waarvan ze gebruik maken. Aan deze lijst kunnen geen rechten worden ontleend. Raadpleeg desgewenst het zwembad alvorens u er gaat zwemmen.

Friesland

Groningen

Drenthe

Overijssel

Gelderland

Utrecht

Flevoland

Noord-Holland

Zuid-Holland

Zeeland

Noord-Brabant

Limburg

7 tips om je cliënt meer te laten bewegen

Bij ouderen die weinig bewegen verslechtert de gezondheid sneller, en neemt het risico op vallen toe. Als verzorgende kun je hierin zeker iets voor je cliënt betekenen. Hier 7 tips om je cliënt in beweging te krijgen.

  1. Laat de cliënt zoveel mogelijk zelf doen – Als verzorgende heb je de natuurlijke neiging om je cliënt zoveel mogelijk te helpen en uit handen te nemen. Hiermee houd je de cliënt vaak immobiel. Laat de cliënt zoveel mogelijk zelf doen: dit kunnen zorgtaken zijn zoals zichzelf een washandje over het gezicht halen, tot zoveel mogelijk proberen zelf uit bed te komen. Door aanwijzingen te geven (‘Als u zich nu optrekt aan de papegaai boven uw hoofd’) blijft de cliënt meer in beweging en spaar je je eigen lijf meer.
  2. Laat de cliënt zichzelf zoveel mogelijk verplaatsen – Bovenstaande geldt ook voor het van de ene locatie naar de andere komen. Dus laat de cliënt zoveel mogelijk de eigen rolstoel voortrollen, of lopen met de rollator in plaats van de rolstoel erbij te pakken.
  3. Zet muziek aan – Je zult versteld staan wat cliënten opeens voor dansbewegingen maken als je een keer een swingend muziekje van vroeger opzet. Voeten beginnen te tappen en armen gaan de lucht in met ‘Viva Espana’.
  4. Laat cliënten meehelpen in het huishouden – Bekijk wat de cliënt leuk vindt om te doen, en nodig hem/haar uit om bijvoorbeeld koffiekopjes te pakken, te helpen met aardappels schillen of de planten water geven. Behalve dat de cliënt dit leuk vindt om te doen, en zich van nut voelt, komt hij/zij ook meteen in beweging.
  5. Vraag een familielid om een wekelijkse wandeling te maken – Als verzorgende heb je vaak niet de gelegenheid om naar buiten te gaan met een cliënt. Stel aan een familielid, kennis of vrijwilliger voor om wekelijks een wandeling te maken met de cliënt. Niet alle familieleden zullen aan deze optie denken, en vinden het zelf vaak ook fijn als je met suggesties komt. En je cliënt krijgt meteen een flinke portie beweging.
  6. Check de mogelijkheden van games/domotica die ouderen stimuleren om te bewegen – De Nintendo Wii, fietsen met een tv-scherm voor je, een interactieve muur voor cliënten met dementie, een zingend zebrapad in het verpleeghuis, de Tovertafel, zorgrobot Zora… er zijn tegenwoordig allemaal mooie technieken en domotica die ouderen aansporen om te bewegen. Kijk naar de mogelijkheden hiervan of organiseer een benefietevenement om hiervoor geld in te zamelen.
  7. Kijk of er een (zorg)hond kan komen – Ouderen vinden honden vaak niet alleen gezellig, de dieren nodigen hen ook vaak uit tot meer bewegen, blijkt uit verschillende initiatieven. Stel voor om een keer je eigen hond mee te nemen, of nodig een zorghond uit.

Fysiotherapie de Ruiter en Sociale Media

omslagfoto 3

Profielfoto 7-2015Sinds kort zijn wij ook actief op Facebook, Twitter en LinkedIn. U kunt ons volgen door op het gewenste sociale medium te klikken.

Wij zullen deze pagina’s gaan gebruiken om het laatste nieuws en interessante artikelen met u te delen. We laten u kennis maken met onze therapeuten en uiteraard vindt u op deze pagina’s ook onze gegevens.

Ook hebben we aan onze vindbaarheid op het internet gewerkt en kunt u ons makkelijk vinden via de telefoongids en google. Als u benieuwd bent naar ons profiel klik dan HIER om door te gaan naar de website van de telefoongids.

Wij hopen u te zien op onze pagina’s!

Fysiotherapie mogelijk weer deels vergoed vanuit basispakket

De laatste tijd is er weer veel te doen omtrent de vergoeding van fysiotherapie. Lees hieronder wat de  voordelen zijn als fysiotherapie weer uit het basispakket vergoed wordt.

Doordat mensen zelf moeten betalen voor fysiotherapie belandt een aantal op de operatietafel, zeggen zorgverzekeraars. Misschien moet het terug in het basispakket, zegt minister Schippers.

Minister Schippers van Volksgezondheid is bereid te onderzoeken of fysiotherapie weer deels terug moet in het basispakket. Ze wil met de fysiotherapeuten en de zorgverzekeraars praten om te bezien wat de beste oplossing is. Maar de verzekerden zullen het op zijn vroegst in 2017 merken.

Schippers reageerde in de Tweede Kamer op een brief van Zorgverzekeraars Nederland, de lobbyclub van de verzekeraars. Daarin klaagde ZN dat het vrijwel schrappen van fysiotherapie uit het basispakket leidt tot ‘steeds groter onbegrip’ bij de verzekerden.

Het is niet alleen niet uit te leggen, het is ‘waarschijnlijk in een aantal gevallen ook duurder’, zegt een woordvoerder van ZN. Patiënten die eigenlijk fysiotherapie zouden moeten hebben om te voorkomen dat ze zieker worden, zien daar vaak van af omdat ze het zelf moeten betalen. Daardoor wordt in een aantal gevallen een operatie nodig, die met goede behandeling had kunnen worden voorkomen.

Daarmee zegt ZN dat het schrappen van fysiotherapie uit het basispakket, in 2012, een kwestie van penny-wise, pound-foolish was. Vorige week kwam een onderzoeker aan de Universiteit van Maastricht tot de slotsom dat voor mensen met etalagebenen (een kwaal die wordt veroorzaakt door bloedvatvernauwing) fysiotherapie veel effectiever en goedkoper is dan opereren. Maar patiënten mijden de fysiotherapeut en komen daardoor uiteindelijk toch in de operatiekamer.

 

Plastische chirurgie

Een klein beetje fysiotherapie zit wel nog in het basispakket: voor chronische kwalen. Maar ook die patiënten moeten de eerste twintig behandelingen zelf betalen. Voor kinderen tot 18 jaar is fysiotherapie nog steeds in het basispakket.

De fysiotherapeuten zijn erg blij met de interventie van de verzekeraars en Schippers’ toezegging. Woordvoerder Coen Sleddering van de fysiotherapeutenvereniging KNGF: ‘Wij zeggen dit al jaren.’ Hoeveel geld is gemoeid met het verzoek van ZN is moeilijk vast te stellen. ‘De overheidsuitgaven aan fysiotherapie gaan omhoog. Maar we weten niet hoeveel er wordt bespaard op bijvoorbeeld operaties.’

Zorgverzekeraars Nederland mengt zich met zijn brief in de discussie over de samenstelling van het basispakket. ZN zegt dat nooit eerder te hebben gedaan, althans niet openlijk, omdat dat basispakket nu eenmaal een zaak is waar de minister en de Tweede kamer over besluiten. Maar de zorgverzekeraars zien dat de samenstelling van het basispakket steeds minder aansluit bij de medische- en verzekeringspraktijk.

Dat geldt bijvoorbeeld ook voor plastische chirurgie. Daar zijn de regels om voor vergoeding in aanmerking te komen veel te streng geworden, stelt ZN. Ook hier is sprake van ‘onbegrip en frustratie bij verzekerden’. Ook hierover is Schippers bereid te praten.

Volgens ZN wordt het basispakket soms vastgesteld op basis van verouderde kennis. De wetenschap kan vaak al onderbouwen dat bepaalde ogenschijnlijke bezuinigingen juist zullen leiden tot hogere kosten. Daarom wil ZN nauwer betrokken worden bij het de totstandkoming en het beheer van het basispakket.

 

Cursus Motivational Interviewing succesvol afgerond

Verschillende netwerken stellen diverse eisen. Het Claudicationetwerk stelt de cursus Motivational Interviewing verplicht.

Mieke heeft deze cursus op 1 juli succesvol afgerond.

Met de training Motivational Interviewing heeft Mieke geleerd hoe zij gedragsverandering tot stand kan brengen om de therapie tot een nog beter resultaat te leiden.

Wat is ClaudicatioNet en waarom stellen zij deze eisen?

ClaudicatioNet is een geïntegreerd zorgnetwerk dat patiënten, fysiotherapeuten, huisartsen en vaatchirurgen met elkaar in contact brengt. ClaudicatioNet streeft naar transparante en hoogwaardige zorg voor alle patiënten met perifeer vaatlijden (etalagebenen) in Nederland. Om deze hoogwaardige zorg te kunnen verantwoorden vragen zij hun leden om bepaalde cursussen te volgen en hun niveau zo op peil te houden.

Wat houdt Motivational interviewing in?

Gedragsverandering is meestal een langzaam en lastig proces. Tegenstrijdige gevoelens en gedachten kunnen het veranderingsproces van de cliënt belemmeren.

Met Motivational Interviewing krijgen therapeut en cliënt meer grip op dit proces. In het gesprek gaat men doelgericht aan de slag om de eigen motivatie en bereidheid tot verandering van de cliënt te versterken.  De effectiviteit wordt verbetert door de effectiviteit van het gesprek over gedragsverandering.

Samen, respectvol, met compassie en vraaggestuurd zijn de sleutelwoorden.

Voor meer informatie over etalagebenen klik dan HIER. Voor meer informatie over het nut van looptraining bij etalagebenen klik dan HIER.

 

Gesuperviseerde looptraining bij etalagebenen bespaart 33 miljoen euro per jaar

Bij ons kunt u terecht voor looptraining bij etalagebenen. Maar wat is het nu hiervan? Hieronder wordt uitgelegd waarom het nuttig is en hoe het de kosten kan reduceren.

Looptherapie bij etalagebenen onder begeleiding van een gespecialiseerd fysiotherapeut is goedkoper, duurzamer en veiliger dan een operatie. Dat blijkt uit een wetenschappelijk onderzoek van ClaudicatioNet vanuit het Catharina Hart- en vaatcentrum in Eindhoven. Het breed uitrollen van de zogenoemde Stepped Care behandelstrategie kan in Nederland een besparing opleveren van 33 miljoen euro per jaar. Hugo Fokkenrood promoveert 11 juni aan de Maastricht University op dit onderwerp.

Patiënten met claudicatio intermittens, de medische term voor ‘etalagebenen’, hebben pijn in de benen bij het lopen. Etalagebenen ontstaan als door slagaderverkalking in de benen te weinig zuurstofrijk bloed de spieren in de benen bereikt. Bij patiënten ontstaat pijn bij inspanning, omdat het lichaam niet kan voldoen aan de toenemende vraag naar zuurstofrijk bloed in de benen. Bij rust verdwijnt deze pijn weer. Mensen verbloemen de klachten vaak door net te doen alsof ze etalages bekijken. Vandaar de term etalagebenen. In Nederland hebben ruim 400.000 mensen last van etalagebenen. Jaarlijks krijgen 25.000 patiënten deze diagnose te horen.

Stepped care strategie

Uit het onderzoek van Fokkenrood blijkt dat een Stepped Care traject de beste behandelvorm is voor patiënten met etalagebenen terwijl in de praktijk nog te vaak voor een dotterbehandeling wordt gekozen. Bij zo’n behandeling wordt de vernauwing in het bloedvat met een ballonnetje weggedrukt.

Een Stepped Care traject is gericht op het toenemen van bewegen en het verbeteren van de leefstijl. Looptraining is effectief en heeft een langdurig effect, blijkt uit onderzoek. Looptherapie onder begeleiding van een gespecialiseerd fysiotherapeut heeft daarnaast veel meer bijkomende voordelen. Zo wordt naast het aangedane been ook het andere been getraind en neemt het risico op hart- en vaatziekten af. Verder hebben de 25 tot 30 contacturen met de fysiotherapeut toegevoegde waarde in het realiseren van levensstijlaanpassingen, zoals stoppen met roken, inname van medicijnen, gezonde voeding en meer bewegen in het dagelijks leven.

Miljoenenbesparing

Uit de analyse van Fokkenrood, gebaseerd op de database van zorgverzekeraar CZ, blijkt dat de gemiddelde kosten van een dotterbehandeling na twee jaar vijf maal hoger zijn dan bij een Stepped Care aanpak. Op basis van een realistisch scenario stelt de onderzoeker dat het aanbieden van de nieuwe behandelstrategie bij alle patiënten met etalagebenen in Nederland een jaarlijkse besparing kan opleveren van 33 miljoen euro. Een besparing die hand in hand gaat met betere, meer duurzame en veiligere zorg.

Wandelen werkt

Fokkenrood deed zijn studie in het Catharina Ziekenhuis in Eindhoven in samenwerking met het  Máxima Medisch Centrum. Uit onderzoek blijkt dat van de vijfduizend patiënten die zich met etalagebenen bij de vaatchirurg meldde, maar bij 14% direct gesuperviseerde looptraining werd voorgeschreven. Opvallend is dat bij slechts 6,4% van deze patiënten in de follow-up van het behandelprogramma alsnog werd overgegaan tot een operatie. Bij meer dan een kwart (27%) van de patiënten die meteen werden geopereerd, was in 35,2% van de gevallen binnen twee jaar ook een tweede operatie nodig. Dit hoge percentage kan worden verklaard door het feit dat enerzijds gedotterde vaten opnieuw dichtslibben en anderzijds doordat klachten van het andere been bij een reeds gedotterde patiënt sneller opnieuw in aanmerking komen voor een operatie.

ClaudicatioNet

Hugo Fokkenrood promoveert op donderdag 11 juni aan de Maastricht University op dit onderwerp. Zijn promotor is prof. dr. Joep Teijink, vaatchirurg in het Catharina Hart & vaatcentrum en medeoprichter en voorzitter van de stichting ClaudicatioNet. Deze stichting zet zich in om de zorg voor patienten met etalagebenen te optimaliseren. ClaudicatioNet streeft naar transparante en hoogwaardige zorg van deze kwetsbare patiëntengroep. Copromotor is vaatchirurg dr. Mark Scheltinga van het Máxima Medisch Centrum.

Schermer Bas Verwijlen uit Oss revalideert met hulp van ruimtevaarttechnologie

OSS / ROSMALEN – Een door ruimtevaartorganisatie NASA ontwikkelde vorm van krachttraining moet schermer Bas Verwijlen uit Oss van een knieblessure afhelpen. Met pijnlijke geluidsgolven en zware oefeningen met vliegwielen probeert fysiotherapeut Cas Wolbert uit Rosmalen het herstel van Verwijlen te versnellen.

Ingesnoerd als een bergbeklimmer en hijgend als een paard trekt Verwijlen met een lange, brede band een vliegwiel in gang. Een gebruikelijke blessurebehandeling is het niet. Een effectieve wel, volgens de fysiotherapeut van Verwijlen.

Wolbert: “In relatief weinig tijd kun je zo relatief veel kracht uitoefenen. Dat betekent dat je sneller traint. Daarom werkt dit zo goed voor astronauten en daarom is het ook zo goed voor Bas.”

Slepende blessure
Verwijlen is normaal gesproken nooit geblesseerd, maar uitgerekend nu de kwalificatietoernooien voor de Olympische Spelen naderen, weerhoudt een slepende blessure hem van het schermen van wedstrijden. Verwijlen: “Het is best pijnlijk. Dit doe je niet voor je lol. Maar door deze behandelingen genees ik wel sneller.”

Aantal hardloopblessures blijft stijgen

Het aantal hardloopblessures blijft stijgen. Vorig jaar waren het er 710.000, vergeleken met 640.000 in 2013 en 610.000 in 2012. Vooral bij beginnende hardlopers neemt het aantal blessures toe. Dit blijkt uit een onderzoek dat het onafhankelijke bureau VeiligheidNL donderdag heeft gepubliceerd.

Blessure tijdens het hardlopen zijn te voorkomen. VeiligheidsNL beveelt aan blessurepreventie tot onderdeel van de training te maken. „Denk hierbij aan een goede trainingsopbouw, warming-up, cooling-down en spierversterkende oefeningen. Tips zijn te vinden op Voorkomblessures.nl”, aldus VeiligheidNL. Ook zou meer aandacht voor preventie in hardloop-apps kunnen leiden tot minder blessures.

Geen fysiotherapie ondanks verzekering: ‘Dat is heel wrang’

Chris Wijnsma heeft ernstige rugklachten. Dus heeft hij een dure aanvullende verzekering afgesloten voor fysiotherapie. Maar zijn verzekeraar wil niet dat hij de benodigde behandelingen krijgt, en dus kan zijn fysiotherapeut ze niet geven. “Dat is heel wrang.”

Een aangeboren rugafwijking, een hernia, artrose en nekklachten. Ze beperken Chris Wijnsma behoorlijk in zijn dagelijks leven. En daarom sloot hij een aanvullende verzekering af met onbeperkte fysiotherapie. Op jaarbasis betaalt hij 800 tot 900 euro meer dan als hij alleen een basispakket zou hebben, maar dan kan hij wel de benodigde behandelingen krijgen. Dacht hij.

“Ik werd twee keer per week behandeld door een fysiotherapeut, maar door voor mij onduidelijke redenen moest ik terug naar één. Ik zei: ik ben goed verzekerd, ik heb een aanvullende verzekering, dus ik vind dat u moet leveren.”

“Hij dreigde zijn contract met de verzekeraar te verliezen”

Toen kwam de aap uit de mouw: als wij meer dan één keer per week behandelen, dan krijgen wij geen contract meer van de verzekeraar, zei de fysiotherapeut. Wijnsma liet het er niet bij zitten en vroeg zijn verzekering om een schriftelijke verklaring dat hij recht heeft op een onbeperkt aantal behandelingen. Die verklaring kwam, maar zijn fysiotherapeut wilde niet op papier zetten waarom hij Wijnsma maar één keer per week wilde zien.

“Na meerdere mailtjes heen en weer zei hij dat hij boven het aantal behandelingen kwam dat de verzekeraar goed vindt. Het klachtenbureau van het ministerie en de vereniging van fysiotherapeuten vertelden mij dat het behandelgemiddelde van deze fysiotherapeut waarschijnlijk te hoog zou zijn en hij dus niet twee keer per week kon behandelen. Anders dreigde hij zijn contract met de verzekeraar te verliezen.”

“Doordat ik twee keer per week ga, hou ik een bepaalde kwaliteit van leven”

Wijnsma besloot een andere fysiotherapeut te zoeken bij wie hij wel twee keer per week terecht kan. Die vond hij, maar tijdens de behandeling met een apparaat daar verloor hij het gevoel in zijn benen. “Er is technisch iets niet goed gegaan of wat ik kan is verkeerd ingeschat. Maar de consequentie is dat ik veel pijnmedicatie gebruik en gemiddeld vier tot zes uur overdag op bed lig. Als ik dat niet doe, dan is de kans dat het uiteindelijk weer de goede kant op gaat nog kleiner.”

Wie betaalt, bepaalt. En dat is wat Wijnsma zo steekt. “Patiënten zijn daar de dupe van. Dit was vermoedelijk niet gebeurd als ik bij de oude fysiotherapeut was gebleven.”

Toch was één keer per week fysiotherapie geen optie voor hem. “Doordat ik twee keer per week ga, hou ik een bepaalde kwaliteit van leven. Ik ga ook liever niet naar de fysiotherapeut, dat is helder. Door alles wat er gebeurd is, is het de vraag of ik nog op hetzelfde niveau terug kan komen. Dat is psychisch een grote druk. Dat ik niet weet of ik weer kleine stukjes kan gaan lopen, kan gaan staan.”